Proef- en vormingscentrum
voor de landbouw

Pagina afdrukken

Duurzaam transport van dierlijke mest

In het kader van het Strategisch Actieplan Kwadraat (SALK) heeft de provincie Limburg een project uitgeschreven rond duurzaam gebruik van dierlijke mest. Het project wordt uitgevoerd en gecoördineerd door PVL in Bocholt en PIBO-Campus in Tongeren. In dit project zijn de meststromen in de provincie onderzocht en is er nagegaan op welke manier dit in de toekomst duurzamer kan verlopen.

De situatie in Limburg is zeer specifiek aangezien de veehouderijen voornamelijk in het noorden van de provincie gesitueerd zijn en de akkerbouwer zich voornamelijk in het zuiden heeft gevestigd. Dit zorgt voor een situatie met een groot mestaanbod in het noorden en een aanvoerpotentieel in het zuiden van de provincie. Daarom zijn er door de projectpartners infovergaderingen belegd in de gemeenten met het grootste mestaanbod (Bree, Peer, Bocholt en Meeuwen-Gruitrode) en in de gemeenten met het grootste potentieel voor gebruik van dierlijk mest (Heers, Gingelom en Tongeren).  Het doel van deze vergaderingen was enerzijds om na te gaan welk draagvlak het project heeft bij landbouwers in de praktijk. Anderzijds werd er op deze vergaderingen ook input van de praktijk gevraagd om de mogelijkheden te vergroten.

Uit de vergaderingen bleken 3 belangrijke voorwaarden voor afzet in het zuiden nl.

–          Homogeniteit van de mest

–          Directe beschikbaarheid

–          Beschikbaarheid van nutriëntwaardes

Om aan deze 3 voorwaarden te voldoen is het noodzakelijk dat er een opslagplaats wordt voorzien in het zuiden van de provincie die geschikt is om mest te mixen. Er zal ook een staal van de gemixte mest genomen worden om de nutriëntwaardes aan de akkerbouwers te kunnen meegeven.

Voor de veehouders in het noorden van de provincie is de afzetprijs de voornaamste voorwaarde om mee te stappen in het project.

PVL en PIBO-Campus zullen trachten het project op te starten en een samenwerking tussen enkele landbouwers in het noorden en zuiden van de provincie op poten te zetten. Deze samenwerking zou reeds tegen de start van mestseizoen 2015 moeten starten. In het eerste projectjaar zal getracht worden de samenwerking zo goed mogelijk te optimaliseren en de vraag en het aanbod zo goed mogelijk op elkaar af te stemmen. Een gebrek aan opslagplaats in het zuiden van de provincie zorgt ervoor dat er nog niet gewerkt kan worden zoals het uiteindelijke doel van het project. Om dit probleem zo goed mogelijk op te vangen zal er mest getransporteerd worden vanuit een verzamelpunt in het noorden van de provincie. Zo kan er reeds voldaan worden aan 2 van de 3 voorwaarden gesteld door de akkerbouwers nl. homogeniteit en beschikbaarheid van nutriëntwaardes. Daarnaast zullen er systematische stalen genomen worden van de mestinhoud van aangeleverde vrachten door de veehouders. Dit met als doel om de nutriëntinhoud van de verschillende leveranciers ook naar de toekomst toe goed te kunnen inschatten en om afwijkende nutriëntwaardes te kunnen situeren.